Nieuws

Terug naar overzicht

Chulugi op reis; Noodweer op Gran Canaria

Datum: 16-03-2010 - Bron: Chulugi

Noodweer op de eilanden (Anfi del mar Gran Canaria) nov  2001:
De avond voor de ramp. D
e anders zo glasheldere zee rondom onze  ankerplaats op dit mooie en luxe Anfi del Mar (Gran Canaria) ziet die morgen zo bruin als die van de zanderige Belgische kust.

De Avond voor de rampWe liggen nog te kooi, rollen hevig van het een op het andere oor. De regen slaat al uren lang keihard op het dek en het onweer zou niet hebben misstaan in  een drie dimensionale horrorfilm.
Ik kijk vanuit mijn kooi in de voorkajuit door het luik naar buiten om te controleren of het anker van Chulugi in deze afschuwelijke nacht plaats heeft gehouden en zie tot mijn grote schrik een reuze catamaran op enkele meters van onze boot wild op en neer stampen. In gedachten hoor ik al die vreselijke klap en het ziekmakende gekraak van twee schepen die elkaar bespringen en rammen. “verdomme Marleen we moeten eruit. Die klote catamaran gaat ons rammen” Letterlijk in mijn blote reet storm ik het dek op waar ik onmiddellijk wordt gegeseld door de nog altijd doorstaande zware slagregen.
“Jezus Tejo, je ziet helemaal niets meer” hoor ik Marleen achter me roepen. “Zoek even wat kleding voor me” schreeuwde ik terug terwijl ik met een stootwil en bootsmanshaak op het voordek positie kies. Maar erg veel kan ik niet uithalen wat die cat is vele malen groter dan ons jacht en we zouden het in deze hevige stampende beweging nooit kunnen afhouden.
Ik vraag Marleen onmiddellijk de motor voor gebruik klaar te maken en te starten. In zijn achteruit vaar ik zover als de ankerketting dat toelaat weg bij de cat totdat onze ketting strak staat.
Foto de avond voor de ramp

Onheil afgewend

Chulugi voor het lapje - in betere tijdenAls Chulugi zijn nieuwe positie weer heeft ingenomen is de afstand tot de Catamaran weer respectabel. Veel deining en geen wind is de oorzaak van deze close encounter. Het weer is bar en boos maar er staat gek genoeg geen zuchtje wind. De voor anker liggende jachten draaien alle kanten op en de logica van allemaal in dezelfde richting is volledig zoek.
Als twee jachten in zo’n situatie 40 meter ketting uit hebben staan, is een afstand van 60 meter snel overbrugd. Het ene na het andere jacht moet verkassen.  Op de cat zie ik geen teken van leven. Op de meeste andere jachten wel. We zijn het na deze rommelige en oncomfortabele nacht zo geweldig zat dat we besluiten anker op te gaan om dieper in de baai te zoeken naar beschutting.
Vlak bij het plekje wat ik in gedachten heb ligt een groot ponton wat door de jachten als afmeerplaats voor hun bijbootjes wordt gebruikt. De lijzijde van dit ponton ligt recht achter de pier en dus behoorlijk beschut.
Terwijl een klein Scandinavisch jachtje met twee uitgeputte mensen de (volle) haven induiken met een houding van -ik wil de eerste nog zien die mij hier weer uitjaagt-  kiezen wij voor de lijzijde van het ponton. En eigenlijk heb ik er hetzelfde gevoel bij als de bemanning van dat Scandinavische jacht. Ik maak me plotseling boos en heb het even gehad dat er de laatste weken geen enkele plaats meer in de jachthavens op Tenerife en Gran Canaria te vinden is.

Om negen uur die morgen is het einde actie en zijn ook wij aan het eind van ons latijn. De havenmeester had, later die morgen, weinig Spaanse woorden nodig (nou ken ik er ook niet zoveel) om overtuigd te worden van de noodzaak van onze manoeuvre en gaf toestemming te blijven liggen tot het noodweer voorbij zou zijn.

En noodweer was het.

Anfi Del Mar, de plaats waar het allemaal gebeurde is ongetwijfeld het meest luxe en dure vijf sterren ressort van Gran Canaria waar kosten noch moeite gespaard is om de verwende reiziger in alle facetten tegemoet te komen. Engelse vrienden van ons prezen deze (anker)plaats aan als de mooiste van alles wat ze tot nog toe hadden gezien.
Als Marleen en ik later die morgen de plaatselijke Spar bezoeken om te storen voor de volgende oversteek, dringt de ellende in alle hevigheid tot ons door. De schitterende witte stranden opgespoten met zand uit de Cariben zijn voor het grootste deel metershoog weggespoeld en tonen slechts nog een grauw en door wild stromend water doorklieft aanzien.

Het shoppingcentrum is onder water en klei bedolven. Containers, strandstoelen, wrakhout, boomstammen en wat dies meer zij vervuilen de anders zo idyllische baai. De tuin die er gisteren nog zo fantastisch bijlag en voor miljoenen moet zijn aangelegd is gedeeltelijk weggespoeld en staat op vele plaatsen blank. De liften van het kapitale complex waar de duizenden  toeristen zijn gehuisvest zijn buiten werking. Zwembaden kunnen niet meer worden gebruikt.
Hier en daar stromen wilde rivieren over straat en spoelen de zware mozaïekbestrating weg alsof het niets is en vegen het meters verderop letterlijk en figuurlijk op een hoop. Maar ook buiten het zo aangeprezen Anfi Del Mar is Gran Canaria ontwricht.

Gillende sirenes gaan af en aan en bederven met hun naargeestig geluid de anders zo rustgevende sfeer. De traumahelikopter is de hele dag in de weer en vliegt af en aan. Wij kunnen door de complete chaos nog maar net buiten het ressort komen en zien op onze korte wandeling dat de schade veel groter is dan we ooit hadden gedacht. Stukken van de openbaren weg zijn bedolven onder modder en klei of totaal weggeslagen. Stranden van verdop gelegen hotels zijn geheel of gedeeltelijk weggeslagen. Keien vallen uit het steile rotsachtige gebergte en liggen overal verspreid.
De grote en luxe Spar supermarkt lekt (zoals de meeste winkels en gebouwen) aan alle kanten. 

Het beloofde land geplaagd.

De politiemacht tracht de verkeerschaos zo goed mogelijk in banen te leiden en werklieden zijn druk met het vergroten!! van afwateringsgaten die door de regenstromen zijn geslagen. Want het water moet weg kunnen. En begrijpelijk want ze zijn er nog niet.

Want terwijl ik dit schrijf -zes uur in de avond- liggen we met dubbele landvasten en springen nog steeds afgemeerd aan het  ponton en beukt de regen opnieuw, in een hevigheid en proporties die voor ons simpele Hollanders onbegrijpelijk is, neer op het arme Gran Canaria. De schade zal morgen niet te overzien zijn.
Het onweer doet ons bij de hevige knallen bukken in de boot en we kijken naar elkaar met een blik van, voorlopig blijven liggen, want wij liggen hier goed!? Toch!???Vanmiddag  hoorde we een Spanjaard zeggen, “we hadden het nodig; de waterreservoirs zijn zo goed als leeg”
Ze moeten er wel een hoge prijs voor betalen.

Wij kunnen niet veel meer doen dan afwachten. Zij zijn druk in de weer om Gran Canaria weer te laten  zijn zoals het in de folders staat, en wij wachten op de dag dat de weersystemen weer tot rust zijn gekomen om daarna verder te trekken naar het zuiden.  

Tejo

 

 

 

 

 

Uw advertentie hier?